Tijd voor een blog! Aan de statistieken te zien checkt er regelmatig iemand mijn weblog. Ik weet niet wie je bent, maar ik waardeer het. Deze blog draag ik op aan jou, onbekende lezer.
Het is voor mij tentamenweek. Stressfull times, my friends. Mijn zelfvertrouwen daalt vaak tot het nulpunt wanneer ik voor de tentamens sta. Dat merk ik al wanneer het tentamenrooster bekend word gemaakt, drie of vier weken van te voren. Gedachtes als: ‘Waarom ben ik ooit deze studie begonnen? Wat haal je je in je hoofd? Hoezo, tentamens – ik ben nog niet eens bijgekomen van afgelopen januari (de laatste tentamenperiode)!’ vliegen door mijn hoofd. Dit heeft tot gevolg dat ik een avond (of twee, soms meer) gedeprimeerd op de bank zit zonder dat er iets uit mn handen komt.
En voor je het weet is het zo ver. Tentamens. De zondag aan het begin van de tentamenweek is aangebroken. Of, zoals in mijn hoofd: ’The dreadful Sunday’. Ik zit in de kerk, en er wordt gebeden voor de komende week. Dat we allen onze taken goed mogen uitvoeren, dat idee. Doodeng. Terwijl de preek doorratelt, bedenk ik me dat ik altijd al een eigen zaak heb willen starten, een bistrootje, een bakkerij, een Engelse boekhandel, een platenzaak. En een eigen album wil maken. Of een mbo diploma via de LOI te gaan halen. En dat ik twee jaar in London wil wonen, whatever job they’ll have for me. En hoe heerlijk zou het zijn om een trektocht door the USA te ondernemen.
Ping! Heldere gedachte: ‘Oh, ik ben aan het wegrennen en niet realistische plannen aan het verzinnen.’ Omdat ik hier niet wil zijn. Omdat ik het zo eng vind om die tentamens te maken. Want, ik kannettochniet.
Hoe zalig is dan wanneer je wel een tentamen haalt! Mijn eerste tentamen gemaakt, met een positief resultaat. Hoera!
Vanmiddag was het tweede tentamen aan de beurt. Ik liep de zaal in, bijna tien minuten te vroeg. Ik houd er niet van om me te moeten haasten voor een tentamen, dan ga ik altijd wat eerder weg. Maar de klas was al volop aanwezig. Ik studeer namelijk in deeltijd. Wat ik daarmee bedoel? Nu, let op.
Let me tell you, er is een heleboel mis met de doorsnee deeltijders. De doorsnee deeltijder is vrouw, 45 jaar oud, en heeft een man en drie kinderen. Tevens herkenbaar aan een opgewekt en goedgeluimd humeur. Terwijl zij haar huishouden perfect bestiert, weet ze áltijd een kwartier van te voren aanwezig te zijn. Vergezeld van drie notitieblokken, minstens vijf pennen en twee potloden, stapt zij kordaat de klas in. De doorsnee deeltijder, houd rékening met dingen als: een brug die open staat, liften die niet werken en pennen die dienst weigeren. Verder leest zij óók de secundaire literatuur en zorgt ze dat er voldoende tegoed op haar studentenpas staat om te kunnen printen.
De doorsnee deeltijder kampt helaas met een groot gebrek. De ruimte om tijdens college of tentamens, flexibel te zijn. Zij gebruikt al haar flexibiliteit namelijk al op haar werk. Het onderwijs vergt namelijk ook veel flexibilteit. Een les gaat immers nooit volgens lesplan en ook je eigen sectie kan zich niet naar behoren gedragen. Bovendien, als je al wat flexibiliteit over hebt, dan gaat dit op aan je gezin. Mees van 13 leert namelijk zo lastig, dochterlief schrijft dagboeken vol en spendeert meer tijd aan de telefoon dan in de family room, en je liefhebbende echtgenoot zakt tegenwoordig meteen op de bank wanneer hij s’avonds laat thuis komt.
Daar zit ze dan, de doorsnee deeltijder. De jas hangt netjes om de stoel, de tas wordt daaronder geschoven en pen en potlood worden netjes (op grootte) gerangschikt op haar tafel. Zij is er klaar voor. Het is 4 minuten voor tijd. De surveillant is er nog niet. Onrustig schuift ze heen en weer, onderwijl vragend aan haar doorsnee deeltijd buurvrouw: ‘Weet iemand waar de surveillant is? Het is tenslotte al bijna tijd. Zal ik even naar het onderwijsbureau gaan? Misschien is het lokaal veranderd?” De doorsnee deeltijd buurvrouw naast haar kijkt al even bezorgd, en zegt: ‘Ik begrijp er niets van. Net voor ik hier naar toe ging heb ik het rooster nog gecheckt. A311, we zitten goed hoor.’
Gelukkig, daar komt de surveillant binnen. Een jongeman van een jaar of 30. Hij gooit zijn spullen neer, en vist een aantal tentamens uit zijn tas. De tentamens bovenop de stapel zijn een beetje verfrommeld, dat komt vast door de tas. De doorsnee deeltijder raapt al haar moed bij elkaar loopt naar voren en vraagt, zenuwachtig lachend: ”So, joe will giv us the exaam then? Shjell ai help you to pass thies exams raund?”*’De surveillant kijkt op: ‘He? Spreek maar gewoon Nederlands hoor.’ Zonder verder acht te slaan op haar begint hij met het uitdelen. Zenuwachtig gelach. Fluisterend vragen de deeltijders zich af of het tentamen nu al begonnen is. Normaliter wordt er namelijk gezegd: ‘Stilte alstublieft. De tentamens worden nu uitgedeeld. Behalve pen en potlood dient er niets op de tafel te liggen. Wanneer u klaar bent, pakt u rustig uw spullen en tekent u vooraan de aanwezigheidslijst.” Deze jongeman zegt maar niets. Hij stelt zichzelf niet voor, hij legt geen regels uit en hij kalmeert de klas niet met goed-geluimde- doorsnee-deeltijd-opmerkingen als: ‘Nu mensen, allemaal goed voorbereid? Ah Klaar, ik zie dat jij je spullen netjes voor elkaar hebt. Goed zo, goed zo. Ik merk dat ik weer voor een deeltijd klas sta, goede voorbereid. De parttimers kunnen hier nog wat van leren!’ Niets van dat alles. ’Het lijkt potjandorie wel, alsof het hem niets kan schelen!’ denkt de doorsnee deeltijder nu, wraaakzuchtig.
Nog meer onrustig geschuifel. Iedereen heeft inmiddels een tentamen voor zich liggen. De surveillant gaat achter zijn bureau zitten en pakt een boek. Dan merkt hij, dat 23 paar ogen hem vragend aankijken. ’Nou, begin maar.’ zegt hij, en buigt zich over zijn boek.
De doorsnee deeltijder begint met haar tentamen, maar zij voelt zich ongemakkelijk. Wanneer ze, zich nog steeds ongemakkelijk voelend, de klas rondkijkt, valt haar oog op een meisje vooraan. Het meisje straalt rust en zelfvertrouwen uit. Om haar mond speelt een kleine glimlach. En de doorsnee deeltijder vraagt zich af hoe dat mogelijk is. Haar jas hangt namelijk slordig om de stoel, haar tas ligt in het gangpad en haar kapsel zit verwaaid. Kijk, haar pen doet het niet. Het meisje rommelt in haar tas maar voor een andere, maar heeft er geen. Nog steeds geen paniek. Het meisje loopt naar de surveillant en hij overhandigd haar een andere pen.
De doorsnee deeltijder schud haar hoofd en besluit dan maar aan het tentamen te beginnen. En het meisje glimlacht.
Ciao,
Trijn
* = de doorsnee deeltijder spreekt hemeltergend Engels, daar kan hij/zij ook niets aan doen, dat heeft te maken met leeftijd